ECLI:NL:RVS:2016:3416
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.Th. Drop
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake last onder bestuursdwang asbestverontreiniging en kostenverhaal
Op 28 mei 2014 legde het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad aan appellant een last onder bestuursdwang op vanwege asbestverontreiniging na een brand op een volkstuincomplex. Appellant werd verplicht de sanering uit te voeren en de kosten daarvan te dragen. De rechtbank verklaarde zich bevoegd en wees het beroep ongegrond. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt echter dat de rechtbank niet bevoegd was omdat de last mede gebaseerd was op overtreding van de Wet milieubeheer, waarvoor de Afdeling exclusieve rechtsmacht heeft.
De Afdeling stelt vast dat appellant terecht als overtreder is aangemerkt, omdat hij naliet maatregelen te treffen ondanks waarschuwingen. Het college heeft de kosten van bestuursdwang vastgesteld op €19.366,43, maar heeft onvoldoende inzicht gegeven in de berekening van deze kosten. Appellant voerde aan dat de sanering zich beperkte tot een kleiner gebied en dat de kosten te hoog zijn, mede gezien een offerte van €3.840,00. De Afdeling oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd hoe de kosten tot stand zijn gekomen en vernietigt het besluit over de kosten.
De Afdeling beveelt het college om opnieuw te besluiten over het bezwaar tegen de kostenvaststelling, waarbij ook de mogelijkheid tot matiging van de kosten moet worden overwogen. Tevens moet het college beslissen over de vergoeding van proceskosten. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het hoger beroep gegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit over de kosten bestuursdwang zijn vernietigd, en het college moet opnieuw besluiten over de kosten en proceskosten vergoeden.