ECLI:NL:RVS:2016:474
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- G.M.H. Hoogvliet
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over handhaving gebruik bedrijfswoning als burgerwoning in strijd met bestemmingsplan
Het geschil betreft het gebruik van een bedrijfswoning aan een perceel te Plasmolen als burgerwoning door appellant sub 2, terwijl dit volgens het bestemmingsplan niet is toegestaan. Verzoeker rechtbank heeft het college gevraagd handhavend op te treden tegen dit gebruik, maar het college heeft dit geweigerd. De rechtbank oordeelde dat het gebruik in strijd was met het bestemmingsplan en dat het college bevoegd was tot handhaving.
Appellant sub 2 en het college stelden in hoger beroep dat er concreet zicht op legalisering bestond vanwege een latere verleende omgevingsvergunning en dat het college door eerdere brieven vertrouwen had gewekt dat handhaving niet zou plaatsvinden. De Afdeling overwoog dat het zicht op legalisering ten tijde van het bestreden besluit ontbrak en dat de toezeggingen van het college niet concreet en ondubbelzinnig waren.
Verder werd het beroep op het vertrouwensbeginsel afgewezen omdat de mededelingen van het college slechts een tijdelijke situatie betroffen en niet inhielden dat handhaving voorgoed zou worden achterwege gelaten. Ook het betoog dat handhaving onevenredig zou zijn vanwege geringe ernst van de overtreding werd verworpen.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en bepaalde dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven, mede omdat het college later alsnog een omgevingsvergunning verleende. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart de hoger beroepen ongegrond, waarbij de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven.