ECLI:NL:RVS:2016:89
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- H.G. Sevenster
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Intrekking Nederlanderschap wegens verzwijging relevante feiten bij naturalisatieverzoek
De staatssecretaris heeft het Nederlanderschap van appellant ingetrokken omdat hij bij zijn naturalisatieverzoek relevante feiten, waaronder een Duitse veroordeling en een Turks arrestatiebevel, heeft verzwegen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het intrekkingsbesluit. De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat appellant op de hoogte was van deze feiten en dat de intrekking terecht was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de staatssecretaris terecht heeft geoordeeld dat appellant de Duitse veroordeling en de openstaande strafzaken had moeten melden. De intrekking is gebaseerd op het corrigeren van de gevolgen van frauduleus handelen. Echter, de staatssecretaris heeft nagelaten een Unierechtelijke evenredigheidsbeoordeling te maken, zoals vereist volgens het arrest Rottmann, terwijl de intrekking ook het verlies van het EU-burgerschap tot gevolg heeft.
De Afdeling vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris, verklaart het beroep gegrond, maar laat de rechtsgevolgen van het intrekkingsbesluit in stand. De staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De Afdeling weegt mee dat appellant niet staatloos wordt en dat het tijdsverloop en de ernst van de feiten een rol spelen in de proportionaliteit.
Appellant had betoogd dat het overgangsrecht en de termijn van twaalf jaar onrechtmatig en discriminerend zijn, maar deze bezwaren worden verworpen op grond van rechtszekerheid en jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De Afdeling benadrukt de ruime beoordelingsvrijheid van de staat bij naturalisatie en intrekking van het Nederlanderschap.
Uitkomst: Het beroep tegen het intrekkingsbesluit wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens het ontbreken van een Unierechtelijke evenredigheidsbeoordeling, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.