ECLI:NL:RVS:2017:58
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring beroep inzake Wob-verzoek en persoonsgegevens
Appellant verzocht de gemeente Deventer om documenten over wachtgelduitkeringen aan oud-bestuurders op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Het college verstrekte gedeeltelijk informatie, waarbij persoonsgegevens deels werden afgeschermd. Het college verklaarde het bezwaar tegen deze verstrekking niet-ontvankelijk omdat het verzoek volgens hen geen Wob-verzoek was, maar een verzoek om eigen dossiergegevens.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk vanwege twijfel over de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de gemachtigde. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt deze uitspraak, oordeelt dat de machtiging voldoende is en dat het beroep ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard.
De Afdeling stelt vast dat het verzoek van appellant wel degelijk een Wob-verzoek is en dat het college ten onrechte het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde. De openbaarmaking van persoonsgegevens van appellant is niet onrechtmatig omdat appellant geen bezwaar maakte tegen openbaarmaking en ruime ervaring heeft met Wob-verzoeken.
De Afdeling vernietigt het besluit van 14 januari 2015, verklaart het bezwaar tegen het besluit van 25 september 2014 ongegrond en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard, de niet-ontvankelijkverklaring vernietigd en het bezwaar tegen openbaarmaking van persoonsgegevens ongegrond verklaard.