ECLI:NL:RVS:2019:2392
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek uitstel uitzetting wegens medische omstandigheden
De staatssecretaris wees een verzoek van de vreemdeling af om de uitzetting uit te stellen op grond van medische redenen, specifiek psychische problematiek. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en bepaalde dat de staatssecretaris nader onderzoek moest doen naar de daadwerkelijke toegang tot medische zorg in Guinee, inclusief kosten en sociaal netwerk.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en voerde aan dat de vreemdeling onvoldoende bewijs had geleverd over de kosten en toegankelijkheid van de noodzakelijke medische behandeling en zijn financiële situatie. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat nader onderzoek nodig was, omdat de vreemdeling niet voldeed aan zijn bewijslast.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De Afdeling benadrukte dat de drempel voor een beroep op artikel 3 EVRM Pro hoog is en dat de vreemdeling aannemelijk moet maken dat hij een reëel risico loopt door ontoegankelijke noodzakelijke medische zorg in het land van herkomst.
De Raad van State wees ook de algemene stelling van de vreemdeling af dat er onvoldoende psychiatrische zorg in Guinee is, aangezien dit niet betekent dat de benodigde zorg in de genoemde instelling niet beschikbaar is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris blijft in stand.