ECLI:NL:RVS:2020:1166
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- G.T.J.M. Jurgens
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit nadeelcompensatie Natura 2000 Westerschelde en Saeftinghe wegens onvoldoende motivering
North Sea Port verzocht om nadeelcompensatie wegens de uitbreiding van het Natura 2000-gebied 'Westerschelde & Saeftinghe' nabij het havengebied Sloehaven, waardoor ontwikkeling van perceel B3 werd belemmerd. De minister wees dit verzoek af op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb), die schadevergoeding bij aanwijzingsbesluiten uitsluit.
De rechtbank verklaarde het beroep van North Sea Port ongegrond, stellende dat het wijzigingsbesluit geen schadeveroorzakend besluit is en dat het verzoek om compensatie niet op grond van het égalité-beginsel toewijsbaar is. North Sea Port stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de toepasselijkheid van de Wnb hanteerde en dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom geen individuele buitensporige last bestond.
De Afdeling oordeelde dat de Wnb inderdaad van toepassing is en dat de minister het verzoek had moeten beoordelen op de vraag of sprake is van een individuele buitensporige last in het kader van het fair balance-beginsel van artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. De minister had onvoldoende gemotiveerd waarom de schade niet toerekenbaar was en waarom het verzoek niet toewijsbaar was. Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de minister opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit van de minister wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuwe beslissing met inachtneming van het fair balance-beginsel en individuele buitensporige last.