Uitspraak
OVERWEGINGEN
directegevolgen zal hebben voor het recht op uitkering.
Centrale Raad van Beroep
Appellanten ontvingen vanaf 2006 bijstand naast hun AOW-pensioen. In 2012 verbleven zij tijdelijk in Turkije en gaven dit door aan de Sociale Verzekeringsbank (Svb). Tijdens een steekproefonderzoek bezocht de Svb hun woning en werd een aanvullend formulier ingevuld. Een buitendienstmedewerker onderzocht vervolgens onroerend goed van appellanten in Turkije, wat leidde tot het besluit de bijstand vanaf 2014 te blokkeren en terug te vorderen.
Appellanten voerden aan dat het onderzoek onrechtmatig was vanwege vermeende discriminatie bij selectie, gebrek aan informed consent bij het huisbezoek, en onrechtmatigheid van het onderzoek in Turkije. De Raad stelde vast dat de steekproef aselect was en dat het huisbezoek met vrijwillige en geïnformeerde toestemming plaatsvond. Ook was het onderzoek naar onroerend goed gebaseerd op toegankelijke bronnen en niet onrechtmatig.
De Raad oordeelde dat de Svb bevoegd was tot het onderzoek en dat er geen sprake was van discriminatie of schending van privacyrechten. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, waarmee het besluit tot intrekking en terugvordering van de bijstand gehandhaafd bleef.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens verzwegen onroerend goed.