ECLI:NL:CRVB:2017:475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Y.J. Klik
- M. ter Brugge
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet melden vermogen in Suriname
Appellanten ontvingen vanaf 2004 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een anonieme tip over bezit van twee woningen in Suriname, voerde het college onderzoek uit en stelde vast dat appellanten een perceel met woonhuis ter waarde van €70.000,- niet hadden gemeld. Dit leidde tot intrekking van de bijstand per 4 december 2012 en terugvordering van €21.902,35.
Appellanten voerden aan dat zij de inlichtingenplicht niet hadden geschonden omdat de aankoopprijs onder de vrij te laten vermogensgrens lag en zij niet hoefden bij te houden of de waarde was gestegen. Ook betwistten zij de taxatie en stelden zij dat het perceel onbebouwd was. De Raad oordeelde dat het niet melden van het bezit een schending van de inlichtingenplicht is en dat de waarde van het perceel, ook volgens het door appellanten ingebrachte taxatierapport, ruim boven de vrijstellingsgrens lag.
Verder konden schulden niet in mindering worden gebracht omdat zij niet aannemelijk waren gemaakt. Het beroep op matiging van de terugvordering werd verworpen omdat het college daartoe niet bevoegd was. Ook de brutering van de terugvordering over 2014 werd als zorgvuldig en voldoende gemotiveerd beoordeeld.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraken van de rechtbank Amsterdam en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet melden van een perceel in Suriname.