ECLI:NL:CRVB:2019:689
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens ontbreken causaal verband met zwangerschap en bevalling
Werkneemster ontving een Ziektewetuitkering na haar zwangerschap wegens psychische klachten. Het UWV beëindigde deze uitkering per 15 maart 2016 omdat volgens de verzekeringsartsen geen direct causaal verband bestond tussen de depressieve stoornis en de zwangerschap of bevalling.
De rechtbank had het besluit van het UWV vernietigd wegens onvoldoende motivering en stelde dat de ongeschiktheid voortkwam uit de bevalling. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het UWV de beslissing voldoende heeft gemotiveerd aan de hand van medische rapporten en de richtlijn voor verzekeringsartsen.
De Raad benadrukt dat een direct causaal verband vereist is voor toekenning van de uitkering en dat het enkele feit dat de depressie kort na de bevalling begon onvoldoende is, zeker gezien het tijdsverloop. De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van werkgeefster ongegrond.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van werkneemster is terecht per 15 maart 2016 beëindigd wegens ontbreken van een causaal verband met zwangerschap of bevalling.