ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ1143
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Effectenlease: gedeeltelijke toewijzing schadevergoeding en kwijtschelding restschuld
In deze zaak staat centraal of de effectenlease-overeenkomsten een onaanvaardbare zware financiële last vormden voor de lessee en de omvang van de schadevergoeding die Dexia moet betalen wegens tekortschieten in haar zorgplicht.
De lessee stelde dat de financiële verplichtingen uit de lease-overeenkomsten onaanvaardbaar zwaar waren en dat Dexia hem had moeten waarschuwen. Het hof oordeelde echter dat de lasten naar redelijke verwachting aanvaardbaar waren, waardoor Dexia niet gehouden is tot vergoeding van betaalde rente. Wel is Dexia aansprakelijk voor een deel van de restschuld uit de tweede lease-overeenkomst, waarbij het voordeel van dividenden in mindering wordt gebracht en de vergoedingsplicht met een derde wordt verminderd.
De lessee vorderde ook vergoeding voor koersverlies van aandelen uit de eerste lease-overeenkomst, maar het hof wees dit af omdat de waardedaling het gevolg was van de eigen keuze van de lessee om de aandelen aan zich te doen uitleveren en niet van Dexia's tekortschieten.
Het hof vernietigde het bestreden vonnis voor het overige, wees de vordering van Dexia tot betaling van een hoofdsom van €2.366,29 plus rente toe, en wees de vordering van de lessee af, met uitzondering van reeds toegewezen onderdelen. De proceskosten werden tussen partijen verrekend, met uitzondering van het incidenteel beroep dat werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van Dexia tot betaling van €2.366,29 plus rente toe en wijst de vordering van de lessee af, met uitzondering van reeds toegewezen onderdelen.