Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
vernietigt de uitspraken op bezwaar betreffende de aan eiser opgelegde navorderingsaanslagen IB/PVV 1995, VB 1996, doch slechts voor zover deze betrekking hebben op de kwijtscheldingsbesluiten en bevestigt deze uitspraken op bezwaar voor het overige;
vernietigt de kwijtscheldingsbesluiten met betrekking tot de navorderingsaanslagen IB/PVV 1995 en VB 1996 en verleent kwijtschelding van de verhogingen tot ƒ 5.270 (IB/PVV 1995) en ƒ 1.672 (VB 1996);
- vernietigt de uitspraak op bezwaar betreffende de aan eiser opgelegde navorderingsaanslag IB/PVV 2002 doch slechts voor zover deze betrekking heeft op de boetebeschikking;
- vermindert de ten aanzien van eiser genomen boetebeschikking bij de navorderingsaanslag IB/PVV 2002 tot € 2.052;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers ten bedrage van € 1.120;
- gelast dat verweerder het door eisers betaalde griffierecht van € 82 vergoedt;
2.Feiten
De KLA onderzoekt de eventuele risico’s van een projectmatige aanpak (verder het Project), beantwoordt rechtsvragen die in dat kader (kunnen) opkomen, en stemt haar werkzaamheden af met het Ministerie van Financiën.
3.Geschil en standpunten van partijen
4.Beoordeling van het geschil
indien de navorderingsaanslag wordt opgelegd met inachtneming van het tijdsverloop dat na het opkomen van de bedoelde aanwijzingen noodzakelijkerwijs is gemoeid met (i) het verkrijgen van de inlichtingen die nodig zijn voor het bepalen van de verschuldigde belasting, en tevens (ii) het met redelijke voortvarendheid voorbereiden en vaststellen van een aanslag aan de hand van de gegevens die de inspecteur ter beschikking staan.
5.Kosten
6.Beslissing in het hoger beroep en incidenteel hoger beroep
- vernietigt de uitspraak van de rechtbank, voor zover die betrekking heeft op de vaststelling van de litigieuze navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen;
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de litigieuze navorderingsaanslagen en aan belanghebbende opgelegde boetebeschikkingen;
- veroordeelt de inspecteur in de kosten van belanghebbende tot een bedrag van € 2.922; en
- gelast de inspecteur aan belanghebbende het betaalde griffierecht ad € 115 (hoger beroep bij het Hof) te vergoeden.