Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.De zaak in het kort
2.Het verdere verloop van het geding
3.Verdere beoordeling
€ 973,92
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak stond de beoordeling van de oneerlijkheid van een beding in de leasevoorwaarden van Dexia centraal, dat een vast percentage van 15% aan buitengerechtelijke beëindigingskosten voorschreef. Het hof oordeelde dat dit beding oneerlijk is in de zin van Richtlijn 93/13/EEG, omdat het een aanzienlijke verstoring van het evenwicht tussen partijen veroorzaakt en afwijkt van de in de rechtspraktijk gebruikelijke staffel voor buitengerechtelijke kosten.
Het hof vernietigde het beding ambtshalve, waardoor de in rekening gebrachte beëindigingskosten van €110 per leaseovereenkomst vervallen. Vervolgens stelde het hof de financiële afwikkeling vast, waarbij Dexia een bedrag van €24.499,77 aan de consument moet terugbetalen en de consument een bedrag van €1.507,99 aan Dexia moet voldoen. Tevens werd een restitutievordering van €36.505,72 toegewezen.
De proceskosten in eerste aanleg werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De consument werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en op 21 november 2023 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hof vernietigt het oneerlijke beding over beëindigingskosten en stelt de betalingsverplichtingen tussen Dexia en de consument vast.