5.21.[werknemer] heeft er recht op dat de financiële afwikkeling van zijn arbeidsovereenkomst correct verloopt, zonder dat hij nog veel kosten moet maken omdat zijn advocaat uren moet besteden aan controle van de ook voor het hof weinig inzichtelijke berekeningen van [werkgeefster] . Het komt het hof geraden voor dat op kosten van [werkgeefster] een deskundige op het gebied van loonadministratie wordt aangewezen die in ieder geval aan de hand van de volgende criteria en opmerkingen nagaat welke correcties of aanvullingen moeten worden uitgevoerd op de (na de bestreden beschikking herziene) loonspecificaties.
1. de transitievergoeding bedraagt niet € 6.418,40 maar € 6.815,- bruto met wettelijke rente daarover vanaf 1 januari 2026 (zie 5.18);
2. [werknemer] heeft nog recht op uitbetaling van 7,5 niet-genoten vakantiedagen (zie 5.7 en 5.8);
3. de overurenvergoeding bedraagt 130% van het uurloon en dient betaald te worden over 83,25 verlof- en wettelijke vrije dagen in de periode tussen 1 maart 2022 en
18 februari 2025 (zie 5.14) en die vergoeding dient vermeerderd te worden met 8% vakantietoeslag en met 50% wettelijke verhoging, vermeerderd met wettelijke rente vanaf opeisbaarheid tot voldoening;
4. de overurenvergoeding dient ook betaald te worden over de dagen 18 tot en met 21 februari 2025, te vermeerderen met 8% vakantietoeslag en wettelijke rente daarover vanaf 20 oktober 2025, de datum van indiening van het beroepschrift, tot voldoening en te vermeerderen met wettelijke verhoging, gematigd tot 10% (zie 5.15);
5. gecheckt moet worden of [werkgeefster] de juiste overurenvergoeding met 8% vakantietoeslag en 50% wettelijke verhoging heeft betaald over loonperiode 3 tot en met 6 van 2025 (zie 5.13) en
de correcte overurenvergoeding met 8% vakantietoeslag over de daarna opeisbaar geworden loonperiodes 7 en volgende, en als dat niet zo is, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 20 oktober 2025, de datum van indiening van het beroepschrift voor zover op die datum opeisbaar, of per latere datum van opeisbaarheid tot voldoening en te vermeerderen met wettelijke verhoging, gematigd tot 10% (zie eveneens 5.13);
6. indien [werkgeefster] nog niet de bonus van € 40,- per vier weken heeft uitbetaald over loonperiode 7 van 2025 tot einde dienstverband, dient zij dat alsnog te doen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 20 oktober 2025, de datum van indiening van het beroepschrift voor zover op die datum opeisbaar, of per latere datum van opeisbaarheid tot voldoening en te vermeerderen met wettelijke verhoging, gematigd tot 10%.