Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 22 september 2021
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Genietingsmoment
Omschrijving geschil in hoger beroep en conclusies van partijen
- of de Inspecteur over een nieuw feit beschikt dat navordering rechtvaardigt;
- zo ja, of de lumpsum terecht is onderworpen aan de Nederlandse belastingheffing;
- zo ja, of de lumpsum terecht als loon is aangemerkt;
- zo ja, of de lumpsum naar algemene maatschappelijke opvattingen als beloningsvoordeel wordt ervaren;
- in welk jaar de lumpsum is genoten;
- of sprake is van strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur; en
- of de in rekening gebrachte belastingrente dient te worden verminderd tot nihil of dient te worden gematigd.
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
- bevestigt de uitspraak van de Rechtbank voor zover deze zaaknummer SGR 19/7773 (2013) betreft;
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank voor zover deze zaaknummer SGR 19/2833 (2012) betreft;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar met dagtekening 25 maart 2019 (2012);
- vernietigt de navorderingsaanslag 2012 en de rentebeschikking 2012;
- veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten aan de zijde van belanghebbende tot een bedrag van € 2.244; en
- gelast de Inspecteur de betaalde griffierechten van in totaal € 181 aan belanghebbende te vergoeden.