Uitspraak
Uitspraak van 6 januari 2021
[X] te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Breda, de Inspecteur,
Loop van het geding
Vaststaande feiten
€ 194.550 € 60.900
BEWEZENVERKLARING
Hof]
831.580,54op
187.938,92op
EUR 213.330,=moet zijn geweest.
EUR 37.000,=geweest.
Hof].
EUR 40.250,11uitgegeven.
EUR 1.850,=ontvangen van een autobedrijf.
EUR 215.000.=verstrekt aan [B] en zijn echtgenote. Bij notariële akte is ten gunste van [belanghebbende] een recht van hypotheek gevestigd op het woonhuis van [B] .
EUR 250.000.=verstrekt aan [C] . Bij notariële akte is ten gunste van [belanghebbende] een recht van hypotheek gevestigd op het woonhuis van [C] ."
GEBEZIGDE BEWIJSMIDDELEN
Hof] in hoeverre er aanleiding is om nader onderzoek te gaan verrichten. Aangezien ik ook niet op de hoogte ben van de feiten uit de strafzaak is het niet mogelijk om te beoordelen of in hoeverre er naast de ontneming nog ruimte is voor een heffing van belastingen in enig jaar. Uiteraard wordt bij deze beoordeling rekening gehouden met een eventuele ontneming, zodat er geen sprake zal zijn van heffing over inkomen dat is ontnomen, op het moment dat het bedrag van de ontneming daadwerkelijk is betaald. (…)
1.088.085 +
Het verwijzingsarrest
Omschrijving geschil na verwijzing en conclusies van partijen
indien de vereiste aangifte niet is gedaan:
Beoordeling van het hoger beroep
Proceskosten
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissingen over de immateriële schade, de proceskosten en het griffierecht;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de navorderingsaanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 1.019.343 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 15.298;
- vermindert de in rekening gebrachte heffingsrente overeenkomstig; en
- vermindert de vergrijpboete tot op € 60.000.