ECLI:NL:GHSGR:2008:BG2704
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. van Schellen
- W.A.J. van Lierop
- H.C. Grootveld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aandelenlease-overeenkomst als huurkoop en verjaring vernietigingsvordering
In deze civiele zaak staat de kwalificatie van een aandelenlease-overeenkomst centraal, waarbij de vraag is of deze overeenkomst als huurkoop moet worden aangemerkt en of de schriftelijke toestemming van de andere echtgenoot vereist is. De echtgenoot van appellante sloot op 28 december 2000 een aandelenlease-overeenkomst met Aegon zonder haar schriftelijke toestemming. Appellante stelde de overeenkomst in mei 2005 nietig wegens het ontbreken van die toestemming.
Het hof verwijst naar een arrest van de Hoge Raad waarin is vastgesteld dat aandelenlease-overeenkomsten als huurkoop kunnen worden gekwalificeerd, ook al betreft het vermogensrechten en geen stoffelijke zaken. De aflevering van aandelen wordt gezien als het verkrijgen van het genot ervan, wat voldoet aan de wettelijke definitie van huurkoop. Het hof verwierp het standpunt dat het toestemmingsvereiste beperkt is tot stoffelijke zaken.
Verder oordeelt het hof dat het ontbreken van schriftelijke toestemming van appellante niet kan worden afgeleid uit haar medeondertekening van het aanvraagformulier, dat slechts een uitnodiging tot het aangaan van de overeenkomst vormde. De verjaringstermijn van drie jaar voor het beroep op vernietiging vangt aan op het moment dat appellante bekend werd met de overeenkomst, niet bij de juridische kwalificatie daarvan.
Het hof staat appellante toe bewijs te leveren dat zij pas in mei 2005 van de overeenkomst op de hoogte was. Andere vorderingen, zoals nietigheid wegens strijd met de Wet op het Consumenten Krediet, zijn afgewezen of ingetrokken. De verdere beslissing wordt aangehouden in afwachting van bewijslevering.
Uitkomst: Het hof houdt verdere beslissing aan en staat appellante toe bewijs te leveren over haar bekendheid met de overeenkomst in mei 2005.