ECLI:NL:HR:2005:AT6005
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- D.H. Beukenhorst
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepassing bijzondere voorziening bij gezamenlijke kredietinstelling
A/B Financiën B.V. (A/b) is een dochtermaatschappij van Belba B.V., waarbij beide ondernemingen feitelijk als één onderneming worden aangestuurd en financiële middelen door elkaar lopen. De Nederlandsche Bank (DNB) verzocht de rechtbank te Almelo op grond van artikel 71 lid 2 Wet Pro toezicht kredietwezen 1992 (Wtk 1992) te verklaren dat A/b zich in een toestand bevindt die bijzondere voorzieningen behoeft, met benoeming van bewindvoerders.
De rechtbank wees dit verzoek toe, waarbij zij oordeelde dat A/b en Belba gezamenlijk één onderneming vormen die als kredietinstelling moet worden aangemerkt. A/b stelde in cassatie dat slechts één rechtspersoon als kredietinstelling kan worden aangemerkt en dat de rechtbank ten onrechte niet had vastgesteld of A/b als afzonderlijke rechtspersoon kredietinstelling is.
De Hoge Raad verwierp dit verweer en bevestigde dat de term 'onderneming' in de Wtk 1992 ruim moet worden uitgelegd en dat A/b en Belba gezamenlijk als één kredietinstelling kunnen worden beschouwd. Ook werd bevestigd dat tegen de beschikking van de rechtbank geen hoger beroep openstaat, maar uitsluitend cassatie. Het beroep van A/b werd verworpen, waarmee de beschikking van de rechtbank in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking tot bijzondere voorziening voor A/b en Belba als gezamenlijke kredietinstelling.