ECLI:NL:HR:2008:BB9669
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt herstel gezamenlijk ouderlijk gezag na echtscheiding ondanks ontbreken gezamenlijk verzoek
De zaak betreft een verzoek van de vader om het eenhoofdig ouderlijk gezag over zijn minderjarige kinderen te verkrijgen na ontbinding van het huwelijk. De rechtbank wees dit verzoek af, maar stelde gezamenlijk gezag vast over het meerderjarige kind. Het hof vernietigde deze beslissing en stelde gezamenlijk gezag vast over de minderjarige kinderen, waarbij het belang van het kind en de noodzaak van gezamenlijk overleg tussen ouders centraal stonden.
De moeder stelde beroep in cassatie in tegen deze beslissing. De Hoge Raad oordeelde dat de wettelijke eis van een gezamenlijk verzoek voor herstel van gezamenlijk gezag strijdig is met het recht op toegang tot de rechter zoals gewaarborgd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Het recht van de niet met gezag belaste ouder op uitoefening van ouderlijke rechten kan niet worden beperkt door deze eis.
De Hoge Raad bevestigde dat het uitgangspunt is dat ouders gezamenlijk het gezag blijven uitoefenen na echtscheiding, tenzij ernstige communicatieproblemen of andere belangen van het kind dit verhinderen. In dit geval waren dergelijke problemen niet aanwezig, zodat het gezamenlijk gezag werd hersteld. Het beroep van de moeder werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en het gezamenlijk ouderlijk gezag wordt hersteld.