Uitspraak
1.Geding in cassatie
26 vertrekgesprekken heeft gevoerd met de verdachte,
3.Het besluit tot ongewenstverklaring
4.Juridisch kader
en 6:
5.Aanleiding voor het stellen van prejudiciële vragen
.De Advocaat-Generaal stelt zich in haar conclusie op het standpunt dat dit voor de Hoge Raad geen beletsel is om onderzoek te doen naar de juiste toepassing van de Terugkeerrichtlijn. De Hoge Raad laat met het oog op het belang van de beantwoording van de vraag naar de toepasselijkheid van de Terugkeerrichtlijn op de gevolgen van de ongewenstverklaring
,de juistheid van het standpunt van de Advocaat-Generaal in het midden.
.
6.Verzoek om een prejudiciële beslissing
vijf jaren wordt berekend:
7.Beslissing
29 maart 2016.