AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Beoordeling woning in aanbouw voor renteaftrek na aankoop afgebrande woning
Belanghebbende kocht een gedeeltelijk afgebrande woning met de intentie deze te herstellen en vervolgens te slopen om nieuwbouw te realiseren. De vraag was of deze onroerende zaak in 2001 kwalificeerde als een woning in aanbouw in de zin van artikel 3.111, lid 3, Wet IB 2001, zodat de rente op de geldlening aftrekbaar zou zijn als eigenwoningrente.
De Rechtbank oordeelde dat door de verrichte voorbereidingshandelingen sprake was van een woning in aanbouw en kende renteaftrek toe. Het Hof vernietigde dit oordeel en stelde dat sloopwerkzaamheden en enkele herstelpogingen onvoldoende zijn om te spreken van een woning in aanbouw. Het Hof benadrukte dat daadwerkelijke bouwactiviteiten zoals heien of funderingswerkzaamheden moeten zijn gestart. Ook ontbrak een bouwvergunning en was het bouwvoornemen strijdig met het bestemmingsplan.
De Hoge Raad bevestigt in zijn conclusie dat het begrip woning in aanbouw niet reeds aanvangt bij aankoop van bouwrijpe grond of voorbereidingshandelingen, maar pas zodra feitelijke bouwactiviteiten zijn gestart. Ook is vereist dat de woning binnen twee jaar na het kalenderjaar van het geschil als hoofdverblijf zal worden gebruikt. Omdat belanghebbende niet aannemelijk maakte dat aan deze vereisten was voldaan, faalden zijn cassatiemiddelen en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard omdat geen sprake is van een woning in aanbouw in 2001.
Voetnoten
1.Inspecteur van de Belastingdienst/[P].
2.Rechtbank Haarlem 12 oktober 2011, nr. AWB 10/904, niet gepubliceerd.
4.De Rechtbank duidt belanghebbende aan als eiser en de Inspecteur als verweerder.
5.Voetnoten uit citaten zijn niet meegeciteerd, tenzij anders vermeld.
6.Kamerstukken II 1998/99, 26 727, nr. 3, blz. 146, MvT.
7.Kamerstukken II 1999/00, 26 727, nr. 7, blz. 478, NnavV.
8.Kamerstukken II 2011/12, 33 135, nr. 3, blz. 33, MvT.
9.Vragen en antwoorden notariaat over tijdelijke verlaging overdrachtsbelasting, Belastingdienst 21 oktober 2011, nr. rv0101z/1ed, NTFR 2011/2430 met commentaar de redactie.
10.Hoge Raad 12 augustus 2005, nr. 39828, ECLI:NL:HR:2005:AU0874, BNB 2005/329 m. nt. W.J.N.M. Snoijink, V-N 2005/39.21 m. nt. Red, NTFR 2005/1077 m. nt. G. Groenewegen, BB 2005/957. 12.Rechtbank Haarlem 28 april 2006, nr. 05/728, ECLI:NL:RBHAA:2006:AW7214, V-N 2007/16.20 m. nt. Red., NTFR 2006/785, BB 2006/1096. 13.Conclusie van A-G Overgaauw voor Hoge Raad 25 januari 2008, nrs. 43836 en 43837, ECLI:NL:PHR:2008:BB4400 en ECLI:NL:PHR:2008:BB4406, BNB 2008/78 en 2008/79, FED 2008/30 en 2008/31 m. nt. W.A.P. van Roij, NTFR 2008/201 en 2008/202 m. nt. Elbert, Belastingblad 2008/430 en 2008/431 m. nt. Kruimel. 18.Hoge Raad 26 november 2010, nr. 10/01679, ECLI:NL:HR:2010:BO5028, BNB 2011/68, V-N 2010/62.16 m. nt. Red., NTFR 2010/2748 m. nt. Arends. 19.V-N 2010/62.16.
20.Hof Den Haag 24 april 2013, nr. 11/00904, ECLI:NL:GHDHA:2013:1688, V-N 2013/49.18.39 (belanghebbende in cassatie). 21.Hof Den Haag 24 april 2013, nr. 11/00862, ECLI:NL:GHDHA:2013:1689, V-N 2013/49.18.38 (belanghebbende in cassatie). 22.Hoge Raad 6 december 2013, nrs. 12/05060 en 12/05062, ECLI:NL:HR:2013:1434 en ECLI:NL:HR:2013:1435, BNB 2014/33 m. nt. J.C. van Straaten, V-N 2014/2.17 m. nt. Red. en V-N 2014/2.21.1, FED 2014/9 en 2014/10 m. nt. A. Rozendal, na conclusie A-G Wattel van 26 juli 2013, ECLI:NL:PHR:2013:781, V-N 2013/51.17 m. nt. Red. 23.Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State 12 juni 2013, nr. 201209737/1/A1, ECLI:NL:RVS:2013:CA2986, AB 2013/206 m. nt. A.G.A. Nijmeijer, JOM 2013/443. 24.M.J.J.R. van Mourik, De eigen woning in de Wet IB 2001, Amersfoort: Sdu Fiscale & Financiële Uitgevers 2006, blz. 78.
25.M.J.J.R. van Mourik, Fiscaal gestoei rondom de eigen woning; Het bijleenbesluit van 20 februari 2007 besproken en becommentarieerd, WPNR 2007/6720, blz. 651.
26.L.M.P. Jacobs, De bijleenregeling: slopen of verbouwen?, VP-Bulletin 2006/40.
27.R.E. Brinkman en K.J. Slurink-Spijker, Slopen en de bijleenregeling, FBN 2008/45.
28.A.J.M. Arends, Slopen en afbranden van eigen woning, NTFR Beschouwingen 2008/50.
29.A.O. Zeilstra, De bijleenregeling: slopen van een eigen woning is geheel vervreemden, VP-Bulletin 2007/25.
30.V-N 2010/64.18.
31.L. Zeiger, in: Kluwer Omgevingsrecht, Module Ruimtelijke Ordening, Commentaar Woningwet, artikel 56a Woningwet, aant. 1.1, Deventer: Kluwer (online, laatst bijgewerkt op 9 december 2008).
32.Moesker, in: Tekst & Commentaar Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, commentaar op artikel 1.1, aant. 2, Deventer: Kluwer (online, laatst bijgewerkt op 1 juli 2013) en Nijmeijer, in: Tekst & Commentaar Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, commentaar op artikel 2.1, aant. 2, Deventer: Kluwer (online, laatst bijgewerkt op 29 november 2013).
33.Uit het arrest van het HvJ van 17 januari 2013, zaak C-543/11 (Woningstichting Maasdriel) en het arrest van de HR van 7 juni 2013, nr. 10/02888bis, volgt dat voor toepassing van de Wet op de omzetbelasting 1968 door sloophandelingen een bouwterrein kan ontstaan, als het terrein op het tijdstip van de levering daadwerkelijk bestemd is om te worden bebouwd.