Conclusie
1.De feiten en het procesverloop
De bespreking van het incidentele verzoek tot zekerheidstelling voor proceskosten
cautio judicatum solvi [3] - is bescherming te bieden tegen de situatie dat verhaal van een proceskostenveroordeling op een buitenlandse eiser zeer moeilijk of onmogelijk is. [4] De bepaling kent al een lange historie in het Nederlandse burgerlijk procesrecht. De bepaling van het huidige art. 224 Rv Pro was voorheen geregeld in art. 152 en Pro 153 Rv (oud), welke bepalingen op hun beurt weer vrijwel letterlijk ontleend waren aan art. 166 en Pro 167 van de toenmalige Code de Procédure Civil. [5] Volgens Van den Honert meende de regering indertijd dat het “in een commercieel land van het grootste belang was om de ingezetenen voor processen van kwelzieke vreemdelingen te waarborgen”. [6] Ook De Pinto heeft het doel van de zekerheidstelling voor proceskosten later in dergelijke bewoordingen omschreven: