Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
Bewezenverklaring, bewijsmiddelen en bewijsoverwegingen
Een geschrift zijnde een verhoor van getuige [getuige] van 4 februari 2015, opgemaakt door opsporingsambtenaren T-357 en T-035 doorgenummerde pag. 1 e.v., inhoudende de zakelijk weergegeven verklaring van [getuige] :
(het hof begrijpt: de pop zoals afgebeeld op de foto in de bijlage bij het proces-verbaal van verhoor van de getuige [getuige] van 4 februari 2015).
3.Oordeel van het hof ten aanzien van feit 1
eerste middelklaagt over de onder 1 bewezenverklaarde bedreiging. Aangevoerd wordt dat:
- het vreesobject “iedere politieagent die bij verdachte komt” niet voldoende bepaald is;
- uit de bewijsvoering niet volgt dat de bewezen verklaarde bewoordingen bij “iedere agent die bij verdachte komt” de redelijke vrees hebben kunnen doen ontstaan voor het in het vooruitzicht gestelde gevolg;- en uit de bewijsvoering niet volgt dat “iedere politieagent die bij verdachte komt” schriftelijk en onder voorwaarden is bedreigd.
tweede middelklaagt dat de redelijke termijn in cassatie is overschreden.