Conclusie
- voorhanden heeft gehad en heeft overgedragen en daarvan gebruik heeft gemaakt,
Het eerste middel
De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
.”
fair trialhet recht van de verdachte besloten om niet aan zijn eigen veroordeling te hoeven meewerken, het zogenoemde nemo tenetur-beginsel. [4] Met dit beginsel wordt een verdachte beschermd tegen ontoelaatbare dwang die van autoriteiten kan uitgaan. In het Nederlands recht is dit beginsel als zodanig niet neergelegd, maar het ligt wel ten grondslag aan onder meer het pressieverbod van art. 29, eerste lid, Sv, op grond waarvan een verhorende rechter of ambtenaar in alle gevallen waarin iemand als verdachte wordt gehoord, zich onthoudt van alles wat de strekking heeft een verklaring te verkrijgen waarvan niet kan worden gezegd dat zij in vrijheid is afgelegd. [5]
Het tweede middel
De beginselen van een behoorlijk procesrecht
Ten derde het beginsel van een redelijke en billijke belangenafweging. In de visie van de verdediging heeft geen redelijk handelend lid van het Openbaar Ministerie, na afweging van alle terzake doende belangen, kunnen oordelen dat met (voortzetting van) de vervolging van cliënt enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang gediend kan zijn.
Resumerend luidt het primaire standpunt van de verdediging dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard moet worden in de vervolging van cliënt. Belangrijke strafprocessuele voorschriften zijn geschonden, en herstel is niet meer mogelijk. De belangen van cliënt zijn doelbewust geschonden, of op zijn minst op grove wijze veronachtzaamd, waardoor zijn recht op een eerlijk proces teniet is gedaan. Bovendien is hij gedwongen om het bewijs tegen zichzelf aan te leveren, waarna men hem is gaan vervolgen. Afgezien daarvan, zijn er meerder beginselen van een goede procesorde geschonden. Daarom wordt verzocht het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vervolging van cliënt.”
De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
Het derde middel
De ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
.”