Conclusie
1.Inleiding
2.Feiten en procesverloop
(…) De rechter, griffier en mr. Ingelse [advocaat van betrokkene in eerste aanleg; A-G] bevinden zich voor de voordeur van betrokkene en de rechter belt aan. Betrokkene opent daarop zijn voordeur.
Mr. Ingelse:
Ten slotte volgt de rechtbank de advocaat niet in zijn standpunt dat betrokkene onder de gegeven omstandigheden wilsbekwaam zou dienen te worden geacht. De advocaat heeft weliswaar ter zitting een passage uit enig stuk, kennelijk ten behoeve van een andere procedure voor de aanvraag van een mentorschap over betrokkene, getoond (en niet overgelegd) waaruit zou moeten blijken dat betrokkene wilsbekwaam, althans verminderd wilsbekwaam zou moeten worden geacht, maar onduidelijk is om wat voor stuk het daarbij gaat en van wie deze – handgeschreven – mededeling op dat stuk afkomstig is. Uit de medische verklaring volgt evenwel dat de onafhankelijke psychiater heeft geconcludeerd dat betrokkene niet wilsbekwaam wordt geacht. De rechtbank ziet – gelet op hetgeen hiervoor reeds is overwogen – geen aanleiding te twijfelen aan het deskundig oordeel van de onafhankelijke psychiater in dit opzicht. Het voorgaande leidt ertoe dat de rechtbank het verweer van de advocaat zal passeren en zal overgaan tot een verdere inhoudelijke beoordeling van het verzoek.
3.Beslissing
3.Bespreking van het cassatiemiddel
a. betrokkene niet tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake in staat is, of
b. acuut levensgevaar voor betrokkene dreigt dan wel er een aanzienlijk risico voor een ander is op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische, materiële, immateriële of financiële schade, ernstige verwaarlozing of maatschappelijke teloorgang, of om ernstig in zijn ontwikkeling te worden geschaad, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
nietin staat tot een redelijke waardering van diens belangen ter zake van de voorgestelde verplichte zorg. Ik acht betrokkene wilsonbekwaam omdat: Betr. vertoont geen ziekte-inzicht. Hij beschouwt zich zelf als niet lijdend aan een psychotische stoornis. Hij overziet niet de negatieve gevolgen van de onbehandelde psychische aandoening zoals ernstige zelfverwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. [onderbouwen].”