Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 juni 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te Amsterdam, eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
Rechtbank Amsterdam
Eiser, eigenaar van een woning in Amsterdam, kreeg een boete van €13.500 opgelegd omdat hij meer dan 40% van zijn woning gebruikte voor toeristische verhuur zonder onttrekkingsvergunning, in strijd met artikel 21 van Pro de Huisvestingswet 2014 en de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016.
De rechtbank oordeelde dat de zolderkamer niet meetelde bij de oppervlakteberekening omdat deze een zelfstandige woonruimte is met eigen toegang. Hierdoor werd vastgesteld dat meer dan 40% van de woning werd verhuurd. Ook werd geoordeeld dat verhuur aan toeristen leidt tot onttrekking aan de woonruimtevoorraad, ongeacht dat eiser de woning zelf permanent bewoont.
Verder verwierp de rechtbank het beroep dat de boete in strijd zou zijn met het eigendomsrecht en de Dienstenrichtlijn. Het onttrekkingsverbod is algemeen en niet specifiek gericht op dienstverrichters, waardoor de Dienstenrichtlijn niet van toepassing is. Tenslotte vond de rechtbank geen bijzondere omstandigheden die matiging van de boete rechtvaardigen, ondanks het verlies van eisers baan.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de boete bevestigd. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de boete van €13.500 wegens onttrekking van meer dan 40% van de woning aan de bestemming tot bewoning zonder vergunning.