Uitspraak
aRECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Uw verklaringen over 1. Identiteit, nationaliteit en herkomst en 2. Illegale uitreis worden geloofwaardig geacht.” Verweerder heeft in dit besluit alleen inhoudelijk gemotiveerd waarom aan eiser subsidiaire bescherming wordt verleend en hij niet in aanmerking komt voor de toekenning van de vluchtelingenstatus. In bestreden besluit II is eveneens overwogen dat “
Uw verklaringen over 1. Identiteit, nationaliteit en herkomst en 2. Illegale uitreis worden geloofwaardig geacht.” en is wederom gemotiveerd waarom aan eiser geen vluchtelingenstatus wordt toegekend, maar hij in aanmerking wordt gebracht voor subsidiaire bescherming.
kánworden gegeven en waarom verweerder dat dan niet doet. Verweerder zal zich dan ook moeten uitlaten waarom hij het arrest van het EHRM van 21 juli 2022 in de zaak Darboe en Camara tegen Italië (ECLI:CE:ECHR:2022:0721JUDO00579717) waar het EHRM in paragraaf 153-154 het beginsel van “the presumption of minor age” uitlegt en toepast, niet relevant acht en volgt.