Uitspraak
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie,
- de conclusie van repliek in conventie en van antwoord in reconventie,
- de conclusie van dupliek in conventie en van repliek in reconventie,
- de conclusie van dupliek in reconventie, tevens akte uitlaten producties in conventie,
- de bij de stukken gevoegde producties.
2.De feiten
€ 2.211,38 ten aanzien van overeenkomst 1b. Daarnaast volgt daaruit dat [eiser] aan fiscaal voordeel heeft genoten een bedrag van € 1.562,72 ten aanzien van overeenkomst 1a en een bedrag van € 1.398,68 ten aanzien van overeenkomst 1b.
3.De vordering
- voorwaardelijk, voor zover Dexia het aanvraagformulier en haar versie van de ondertekende overeenkomst niet in het geding brengt, Dexia ex artikel 194 lid 1 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) jo artikel 195 Rv Pro zal veroordelen om [eiser] een afschrift te verstrekken van het aanvraagformulier en de ondertekende effectenleaseovereenkomst met contractnummer [nummer 1] ;
- voor recht zal verklaren dat Dexia onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiser] en/of toerekenbaar is tekort geschoten,
- voor recht zal verklaren dat [eiser] schade heeft geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen van Dexia en Dexia gehouden is die schade te vergoeden,
- Dexia zal veroordelen om binnen twee weken te bewerkstelligen dat de registratie van [eiser] bij het Bureau Kredietregistratie in Tiel wordt doorgehaald en dat de aan die registratie gekoppelde achterstandscodering ongedaan wordt gemaakt, op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag, met een maximum van
- Dexia zal veroordelen tot voldoening aan [eiser] van al datgene dat [eiser] aan Dexia heeft betaald onder de overeenkomst, vermeerderd met de wettelijke rente daarover,
- voor recht zal verklaren dat [eiser] de door Dexia gevorderde restschuld niet verschuldigd is,
- Dexia zal veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke kosten van [eiser] , met rente,
- Dexia zal veroordelen in de proceskosten en de nakosten, met rente.
4.Het geschil en de beoordeling
NLG 39.811,92 afgesloten. De aanvraag voor het Multiplier Effect product is door de adviseur in orde gemaakt en de uiteindelijke overeenkomst is op een later moment ondertekend. Conform het advies van de adviseur heeft [eiser] zijn hypothecaire lening bij de SNS bank verhoogd met NLG 40.000,00 en is er voor ruim NLG 40.000,00 aan inleg betaald voor de effectenleaseovereenkomst. [eiser] is de betaalde inleg geheel kwijtgeraakt en heeft een restschuld aan de overeenkomst overgehouden.
- kopie van overeenkomst, voorzien van het ATP-nummer van Future & Finance;
- kopie van de eindafrekening van de overeenkomst;
- kopie van de Prognose Multiplier Effect;
- kopie hypotheekakte;
- een sommatie- en 14-dagen brief.
- dat ten onrechte de gemachtigde van de afnemer op zijn woord wordt geloofd;
- dat zonder verder bewijs wordt aangenomen dat sprake is geweest van advisering door de tussenpersoon;
- dat ten onrechte wordt aangenomen dat op Dexia een onderzoeks- en vaststellingsplicht rust, en
- dat Dexia ten onrechte niet wordt toegelaten tot (tegen)bewijs.
€ 18.065,86 +
- Dividenduitkeringen € 4.990,66
- Fiscaal voordeel
- de door [eiser] gevorderde wettelijke rente over de geleden schade, telkens vanaf de dag dat [eiser] aan Dexia heeft betaald, toewijsbaar is (zie het arrest van de Hoge Raad van 1 mei 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1198). De door [eiser] gevorderde voldoening van voornoemde bedragen binnen drie weken na betekening van dit vonnis zal als niet betwist eveneens worden toegewezen; en
- daarop vervolgens het bedrag dat Dexia in mei 2025 aan [eiser] heeft voldaan
€ 576,00 (2 punten x € 288,00) +
T&C Rv, Boek I, Titel 2, Afd. 10, inleidende opmerkingen, onder 2). Dexia heeft haar incidentele vordering afhankelijk gesteld van het oordeel van de kantonrechter ten aanzien van de stelplicht en bewijslast ter beoordeling van een van die vorderingen. Het is aan Dexia om de stellingen van [eiser] voldoende concreet te betwisten. Doet zij dit niet, dan wordt aan bewijslevering niet toegekomen. Als zij van mening is dat zij voor een gemotiveerde betwisting de beschikking dient te krijgen over bepaalde bescheiden dan had zij daartoe direct een vordering ex artikel 195 Rv Pro moeten indienen. Dat kan niet meer als de kantonrechter daarover al een oordeel heeft gegeven. Dat zou er immers op neerkomen dat Dexia wenst dat de kantonrechter – na een incidentele procedure – op een dergelijk oordeel terugkomt. Daar is een incidentele procedure niet voor bedoeld. De kantonrechter zal Dexia niet-ontvankelijk verklaren in het incident.
(2 punten × € 288,00) aan salaris gemachtigde.
5.De beslissing
A-codering aan het BKR heeft doorgegeven - om binnen veertien dagen na betekening van dit vonnis het Bureau Kredietregistratie te Tiel te berichten dat [eiser] geen verplichtingen uit de effectenleaseovereenkomsten meer heeft, op straffe van een dwangsom van € 250,00 voor elke dag dat Dexia niet aan deze veroordeling voldoet, met een maximum van
€ 5.000,00,
12 mei 2026.