ECLI:NL:RBSGR:2007:BA4604
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing toelating Hogere Onderofficiersvorming Koninklijke Marechaussee wegens onvoldoende zorgvuldigheid
Eiser, wachtmeester eerste klasse bij de Koninklijke Marechaussee, verzocht om toelating tot de Hogere Onderofficiersvorming KMar (HOOV KMar). Hij werd uitgenodigd voor een assessment op 28 september 2005, maar was een dag daarvoor teruggekeerd van een dienstreis, waardoor hij zich onvoldoende kon voorbereiden. Eiser vroeg om uitstel, maar dit werd geweigerd. Na het assessment werd hij niet geselecteerd vanwege een lage score op een onderdeel van de capaciteitentest.
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit en stelde dat hij geen eerlijke kans had gekregen vanwege het ontbreken van een mogelijkheid tot uitstel. Verweerder stelde dat het besluit terecht was en dat het bevoegdheidsgebrek in het primaire besluit was hersteld. De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende zorgvuldigheid betracht had door geen rekening te houden met de bijzondere omstandigheden van eiser en het verzoek om uitstel niet adequaat te behandelen.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met artikel 3:2 van Pro de Awb en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van eiser voor toelating tot de HOOV KMar wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid.