Belanghebbende heeft meerdere verzoeken ingediend tot vermindering van aanslagen inkomstenbelasting, premie volksverzekeringen en Zorgverzekeringswet over 2010, en daarna bezwaar en beroep ingesteld tegen de afwijzing hiervan. De rechtbank heeft belanghebbende verplicht te verschijnen op zitting, maar hij is niet verschenen.
De rechtbank oordeelt dat belanghebbende misbruik maakt van het recht door herhaaldelijk de juistheid van aanslagen ter discussie te stellen die reeds in 2016 door het Gerechtshof Den Haag definitief zijn vastgesteld in een compromis. Bovendien is de wijze van procederen ongestructureerd en belastend voor de rechtspraak.
Daarom verklaart de rechtbank de beroepen niet-ontvankelijk, wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af wegens gebrek aan spoedeisend belang, en wijst ook het verzoek om een dwangsom af. Proceskosten worden niet toegewezen omdat geen kosten in aanmerking komen voor vergoeding.