ECLI:NL:RVS:2017:523
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bestuursdwang wegens onduidelijkheid over afvalzak en kostenverhaal
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag had op 18 februari 2016 spoedeisende bestuursdwang toegepast wegens het aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen op een onjuist tijdstip. De kosten van deze bestuursdwang werden deels, een bedrag van €126,00, op appellant verhaald. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, stellende dat hij niet degene was die de afvalzak op het onjuiste moment had aangeboden en dat de afvalzak niet van hem afkomstig kon zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat hoewel in de regel wordt aangenomen dat degene tot wie afvalstoffen kunnen worden herleid ook de overtreder is, appellant aannemelijk moet maken dat hij niet de overtreder is. Het college had echter nagelaten voldoende duidelijkheid te verschaffen over de aard van het poststuk waarop de naam- en adresgegevens van appellant waren aangetroffen, waardoor appellant in zijn verweermogelijkheden werd geschaad.
Daarom werd het besluit van 18 april 2016 vernietigd en werd het college opgedragen een nieuw besluit te nemen waarbij appellant duidelijkheid wordt verschaft over het aangetroffen poststuk. Tevens werd appellant het betaalde griffierecht van €46,00 vergoed.
Uitkomst: Het besluit tot kostenverhaal van bestuursdwang wordt vernietigd wegens onvoldoende duidelijkheid over het aangetroffen poststuk.