ECLI:NL:RVS:2018:1847
Raad van State
- R. Uylenburg
- W.D.M. van Diepenbeek
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Juridische beoordeling van schaarse publieke rechten bij het rijksinpassingsplan Windpark Zeewolde
Deze zaak betreft beroepen tegen het rijksinpassingsplan (RIP) Windpark Zeewolde en de benodigde vergunningen voor de oprichting en exploitatie van een windpark met 91 turbines en de sanering van 221 bestaande turbines.
Appellanten betogen dat door het aanwijzen van één initiatiefnemer zonder openbare aanbesteding een schaars recht is gecreëerd, waarbij geen mededingingsruimte is geboden, wat strijdig zou zijn met het gelijkheidsbeginsel en transparantieverplichtingen. De ministers en Windpark Zeewolde B.V. stellen dat het RIP geen schaarse vergunning is, dat de planologische mogelijkheden voor iedereen openstaan en dat het initiatief vanuit de markt komt.
De staatsraad-advocaat-generaal onderzoekt onder meer de vraag of ruimtelijke plannen en omgevingsvergunningen schaarse rechten toekennen, welke eisen aan de toedeling daarvan gelden, en de invloed van het Europese recht, waaronder de Dienstenrichtlijn en het arrest Appingedam.
De conclusie benadrukt dat bestemmingsplannen en inpassingsplannen in principe geen schaarse rechten toekennen, maar onder bijzondere omstandigheden wel. Ook wordt besproken dat omgevingsvergunningen meestal geen schaarse rechten toekennen, tenzij er sprake is van een gekoppeld vergunningenplafond of bijzondere beleidsregels.
Verder wordt ingegaan op de verhouding tussen nationaal recht, het aanbestedingsrecht en het Unierecht, waarbij wordt vastgesteld dat formeel aanbestedingsrecht in deze context beperkt van toepassing is, maar dat de Dienstenrichtlijn en het gelijkheidsbeginsel wel transparantie en gelijke kansen vereisen bij de toedeling van schaarse rechten.
Uitkomst: De bestreden besluiten worden niet vernietigd omdat geen sprake is van toedeling van schaarse rechten die een transparante verdeling vereisen.