ECLI:NL:RVS:2019:486
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- E. Helder
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting coffeeshop De Apotheker wegens overtreden handelsvoorraadcriterium
De burgemeester van Eindhoven heeft bij besluit van 22 maart 2017 de sluiting van coffeeshop De Apotheker gelast voor 360 dagen vanwege een handelsvoorraad softdrugs die de toegestane hoeveelheid overschreed. De sluiting volgde op een politieonderzoek waarbij in de woning van de exploitant in Nuenen ruim 95 kilo hennep en 7 kilo hasj werden aangetroffen, welke als handelsvoorraad voor de coffeeshop werden aangemerkt.
De Apotheker stelde dat het bewijs onrechtmatig was verkregen omdat de politie zonder geldige machtiging de woning betrad en dat de burgemeester niet bevoegd was tot sluiting omdat de handelsvoorraad buiten de coffeeshop werd aangetroffen. Ook werd aangevoerd dat de sluiting een punitieve sanctie betrof.
De Raad van State oordeelde dat het bewijs in bestuursrechtelijke zin wel mocht worden gebruikt omdat het niet zodanig onrechtmatig was verkregen dat het gebruik ervan ontoelaatbaar is. De burgemeester was bevoegd op grond van artikel 13b Opiumwet en het beleid dat softdrugs elders dan in de coffeeshop tot de handelsvoorraad kunnen behoren. De sluiting is een bestuurlijke maatregel gericht op beëindiging en voorkoming van overtredingen en niet punitief van aard.
De Afdeling bevestigde het vonnis van de rechtbank Oost-Brabant en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De sluiting van 360 dagen blijft van kracht.
Uitkomst: De sluiting van coffeeshop De Apotheker voor 360 dagen wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.