ECLI:NL:RVS:2019:707
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens illegale verhuur woning aan toeristen in strijd met Huisvestingswet
Het college legde aan appellant een bestuurlijke boete op omdat hij zijn woning in Amsterdam verhuurde aan toeristen zonder de vereiste vergunning, wat in strijd is met artikel 21 van Pro de Huisvestingswet 2014. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De woning werd op meerdere woonlagen verdeeld en tijdens een controle werden meerdere toeristen aangetroffen die kamers hadden geboekt, wat de overtreding bevestigde. Appellant voerde aan dat hij niet verantwoordelijk was omdat hij de woning had verhuurd aan derden die als uitbaters van de bed & breakfast moesten worden beschouwd en dat hij geen controle had over het gebruik.
De Raad van State oordeelde dat de eigenaar van een pand zich tot op zekere hoogte moet informeren over het gebruik van het pand en dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet wist of kon weten dat de woning illegaal werd verhuurd. De boete werd daarom bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van €13.500,- wegens illegale verhuur aan toeristen wordt bevestigd.