ECLI:NL:CRVB:2012:BW7671
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bijdrage Zorgverzekeringswet voor in Frankrijk wonende AOW-gerechtigde
Appellante, geboren in 1940, woont sinds 1988 in Frankrijk en ontvangt een AOW- en ABP-pensioen uit Nederland. Op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw) is zij als verdragsgerechtigde aangemerkt en wordt een bijdrage ingehouden op haar pensioen, gebaseerd op de woonlandfactor.
Appellante maakte bezwaar tegen deze inhouding, stellende dat zij door dubbele betalingen voor zorgkosten en aanvullende verzekeringen financieel onrechtvaardig wordt behandeld. De rechtbank verklaarde haar bezwaar ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit in hoger beroep.
De Raad verwijst naar het EU-recht, waaronder Verordening 1408/71 en het arrest Van Delft, en oordeelt dat Nederland als pensioenland verantwoordelijk is voor zorgkosten in het woonland en dat de bijdrage op het pensioen niet in strijd is met het vrije verkeer van personen. De vermeende dubbele betaling betreft een interne fiscale kwestie van Frankrijk en leidt niet tot ongerechtvaardigde discriminatie.
De woonlandfactor weerspiegelt de verhouding tussen zorguitgaven in Nederland en het woonland, en de Raad ziet geen disproportionaliteit in de bijdrage. Er is geen sprake van ongelijke behandeling in strijd met communautair recht. Het hoger beroep wordt afgewezen en de bestreden uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De bijdrage Zvw op het pensioen van appellante wordt bevestigd zonder ongerechtvaardigde discriminatie.