Uitspraak
16.3274 PW
OVERWEGINGEN
4.15. Appellante heeft aangevoerd dat de terugvordering niet redelijk en onevenredig is. De terugvordering heeft ingrijpende gevolgen voor haar dagelijks leven, terwijl evident is dat appellante geen draagkracht heeft.
BESLISSING
- herroept het besluit van 11 mei 2015 dat ziet op de boete;
- stelt het bedrag van de boete vast op € 1.190,54 en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het door de rechtbank vernietigde gedeelte van het besluit van 3 september 2015;
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor het overige voor zover aangevochten;
- veroordeelt het college in de kosten van appellante tot een bedrag van € 2.004,-;
- bepaalt dat het college aan appellante het in hoger beroep betaalde griffierecht van € 124,- vergoedt.