In deze civiele zaak heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden het hoger beroep van Dexia Nederland B.V. behandeld tegen een vonnis van de kantonrechter. Het geschil betreft een effectenleaseovereenkomst die via de tussenpersoon Finplan B&K B.V. tot stand kwam, waarbij de vraag centraal stond of Dexia aansprakelijk is voor schade veroorzaakt door vergunningplichtige advisering zonder vergunning.
Het hof oordeelt dat de tussenpersoon Finplan vergunningplichtig heeft geadviseerd en dat Dexia hiervan op de hoogte was of dit behoorde te weten. Dit volgt uit de gebruikelijke werkwijze van tussenpersonen, de bewijslevering door de geïntimeerde en eerdere jurisprudentie. Dexia heeft onvoldoende tegenbewijs geleverd en heeft nagelaten een contra-enquête te houden.
De schadevergoeding wordt vastgesteld op €20.852,58 vermeerderd met wettelijke rente, rekening houdend met fiscale voordelen en dividenden. Het verweer van Dexia dat de vordering verjaard is, wordt verworpen vanwege tijdige stuiting door de geïntimeerde. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt Dexia tot betaling van proceskosten.