ECLI:NL:GHSHE:2011:BU6728
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beperking naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting en vernietiging boetebeschikking wegens ontbreken tegenbewijsregeling
Belanghebbende was houder van een motorrijtuig waarvan het kentekenbewijs was geschorst van 27 mei 2008 tot en met 15 januari 2009. Op 12 januari 2009 werd geconstateerd dat het voertuig op de openbare weg stond. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op over de gehele schorsingsperiode met een boete van 100%. Belanghebbende betwistte de boete en stelde dat de naheffing beperkt moest worden tot de periode vanaf 24 oktober 2008, toen het voertuig daadwerkelijk op de openbare weg werd gebruikt.
Het Hof oordeelde dat de fictie in artikel 35, lid 2, Wet MRB, die geen tegenbewijsregeling kent, disproportioneel is en inbreuk maakt op artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM. Hierdoor moest de naheffing worden beperkt tot de periode waarin het voertuig daadwerkelijk op de openbare weg stond. Tevens werd de boete vernietigd omdat de naheffing niet als compensatie voor onbetaalde belasting kon worden gezien, maar een bestraffing met afschrikwekkend karakter is, waarvoor de boete niet terecht is opgelegd.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de Rechtbank en de besluiten van de Inspecteur, stelde de naheffingsaanslag vast op €123 en vernietigde de boetebeschikking. Tevens werd de Inspecteur veroordeeld in de proceskosten en werd griffierecht geheven voor het hoger beroep.
Uitkomst: De naheffingsaanslag wordt beperkt tot de periode van daadwerkelijk gebruik van de openbare weg en de boetebeschikking wordt vernietigd.