ECLI:NL:HR:2010:BL9001
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest ontuchtzaak minderjarige wegens onvoldoende motivering afwijzing getuigenverzoek
In deze zaak staat het beroep in cassatie centraal tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin de verdachte werd veroordeeld voor ontuchtige handelingen met een minderjarige van nog geen zestien jaar. De bewezenverklaring steunt op verklaringen van het slachtoffer, haar moeder, oma en de verdachte zelf, alsmede op een studioverhoor van het slachtoffer.
De verdediging verzocht het slachtoffer als getuige te horen in hoger beroep vanwege twijfels over de betrouwbaarheid van haar verklaring en mogelijke druk vanuit haar omgeving. Het hof wees dit verzoek af met het oog op het belang van het slachtoffer en haar welzijn, en bood ter compensatie het tonen van het studioverhoor aan.
De Hoge Raad stelt dat het hof onvoldoende concreet heeft gemotiveerd waarom het belang van het slachtoffer zwaarder woog dan het belang van de verdachte om het slachtoffer te horen. De algemene stelling dat herhaald verhoor traumatisch kan zijn, is niet voldoende. De Hoge Raad herhaalt de jurisprudentie dat bij afzien van het horen van een getuige wegens gezondheidsrisico’s een adequate compensatie voor de verdediging moet worden geboden.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof Amsterdam voor een nieuwe berechting. De zaak betreft een delicate afweging tussen het recht op een eerlijk proces en de bescherming van het welzijn van een minderjarig slachtoffer.
Uitkomst: Het arrest van het hof Amsterdam wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de afwijzing van het getuigenverzoek en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.