ECLI:NL:HR:2024:325

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 maart 2024
Publicatiedatum
7 maart 2024
Zaaknummer
22/04591
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet waardering onroerende zaken
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake WOZ-beschikking 2020

Belanghebbende heeft tegen een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) voor het jaar 2020 beroep ingesteld bij de Rechtbank Overijssel, waarna hoger beroep volgde bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het hof heeft de beschikking bevestigd. Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie beoordeeld aan de hand van de gronden die ook in een gelijktijdig arrest (ECLI:NL:HR:2024:238) zijn besproken. Op basis daarvan kon het middel van belanghebbende niet leiden tot vernietiging van het bestreden arrest.

De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard en ziet geen aanleiding om proceskosten aan belanghebbende op te leggen. Hiermee is de WOZ-beschikking voor 2020 definitief bevestigd.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de WOZ-beschikking 2020 blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer22/04591
Datum8 maart 2024
ARREST
in de zaak van
[X] (hierna: belanghebbende)
tegen
het DAGELIJKS BESTUUR VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING GEMEENTELIJK BELASTINGKANTOOR TWENTE
op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 oktober 2022, nr. BK-ARN 21/00559 [1] , op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Overijssel (nr. AWB 20/2151) betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken voor het jaar 2020.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende, vertegenwoordigd door G. Gieben, heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Het dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Gemeentelijk Belastingkantoor Twente, vertegenwoordigd door [P], heeft een verweerschrift ingediend.
De Advocaat-Generaal M.R.T. Pauwels heeft op 22 september 2023 geconcludeerd tot gegrondverklaring van het beroep in cassatie. [2]

2.Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot vernietiging van de bestreden uitspraak leiden op de gronden die zijn vermeld in de rechtsoverwegingen 4.1.2 tot en met 4.1.5 van het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak met nummer 22/04590, ECLI:NL:HR:2024:238.

3.Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren M.W.C. Feteris, J. Wortel, M.T. Boerlage en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 8 maart 2024.