Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
eerste middel, in samenhang met de toelichting daarop gelezen, klaagt dat het hof ten onrechte, dan wel ontoereikend gemotiveerd, een aanhoudingsverzoek “met het oog op de effectuering van het aanwezigheidsrecht van de verdachte” heeft afgewezen, nu het er geen blijk van heeft gegeven de desbetreffende belangenafweging in de motivering van zijn beslissing te hebben gemaakt.
tweede middelklaagt dat het hof op ontoereikende gronden tot de vaststelling van het ontnemingsbedrag is gekomen.
De rechtbank schat het wederrechtelijk verkregen voordeel op € 1.042,15.
Feit 1 in combinatie met feit 2.
Aanvulling van de gronden met betrekking tot gevoerde verweren in hoger beroep
derde middel, in samenhang met de toelichting daarop gelezen, klaagt dat indien het tweede middel uit de cassatieschriftuur in de samenhangende hoofdzaak slaagt, dit tot mindering van het ontnemingsbedrag dient te leiden.