Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelklaagt dat de strafoplegging onvoldoende met redenen is omkleed, aangezien het hof heeft overwogen dat de omstandigheid dat de verdachte meermalen onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van soortgelijke feiten hem er kennelijk niet van heeft weerhouden het onderhavige feit te plegen, terwijl uit het uittreksel Justitiële Documentatie waarop het hof ten nadele van de verdachte acht heeft geslagen niet kan worden afgeleid dat de veroordelingen voor de door het hof bedoelde feiten onherroepelijk waren ten tijde van het begaan van het bewezenverklaarde feit.
Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.
NJ2017/400, m.nt. Reijntjes heeft de Hoge Raad de grenzen van deze vrijheid als volgt verwoord: