Conclusie
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
De feiten
3.Het geding in cassatie
4.Wetgeving, wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur
Wetgeving
Compendium Gemeentelijke belastingen en de Wet WOZis het volgende opgenomen over toetsing van de rechter: [36]
Hoofdzaken milieuheffingen: [38]
BNB-annotatie bij het arrest van 14 juni 1995 [39] merkt Feteris het volgende op over door de rechter ambtshalve aangevoerde rechtvaardigingsgronden voor discriminatie: [40]
5.Beoordeling van het beroep in cassatie
De eerste klacht
de minimisregel - geen gevolgen verbonden worden aan de geconstateerde marginale overschrijding van de opbrengstlimiet [65] , met (slechts) 0,37%; noch voor de rechtsgeldigheid van de Verordening, noch voor de hoogte van de bestreden aanslag. [66]
de minimisbenadering uit 1999 nadien zou zijn verlaten. Daarop wordt gebaseerd dat er in casu sprake zou zijn van een gedeeltelijk onverbindende verordening, waardoor recht zou ontstaan op vermindering van de aanslagen met 0,37%.
pro rata partewordt verlaagd.
de minimisregel geldt naar mijn mening dus nog steeds.