ECLI:NL:RBDHA:2024:14662
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf nareis wegens ontbreken gezinsband jongvolwassenen
Eisers, beiden met de Afghaanse nationaliteit, hebben een aanvraag ingediend voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis bij referent, de gestelde vader. De minister heeft deze aanvraag afgewezen omdat de familierechtelijke relatie onvoldoende is aangetoond en de feitelijke gezinsband is verbroken. De rechtbank beoordeelt het beroep op basis van het jongvolwassenenbeleid en bijkomende elementen van afhankelijkheid, zoals vastgesteld in de Vreemdelingencirculaire en de werkinstructie WI 2023/2.
De rechtbank concludeert dat eiser niet voldoet aan het jongvolwassenenbeleid omdat hij zich vanaf 2017 tot 2023 zelfstandig en moeiteloos heeft kunnen handhaven in Dubai, ondanks zijn afhankelijkheid van het Kafala-systeem. Ook is onvoldoende onderbouwd dat hij financieel afhankelijk is van referent. De gezinsband is volgens de minister en rechtbank verbroken en kan niet worden hersteld. Voor eiseres geldt dat zij eveneens niet onder het jongvolwassenenbeleid valt omdat zij heeft gewerkt en een eigen gezin heeft gevormd. Haar huidige financiële afhankelijkheid van familieleden anders dan referent en het ontbreken van emotionele afhankelijkheid leiden tot dezelfde conclusie.
De rechtbank oordeelt dat de minister alle relevante elementen heeft meegewogen en dat er geen sprake is van beschermwaardig familie- of gezinsleven op grond van bijkomende afhankelijkheid. De belangenafweging is niet aan de orde omdat de gezinsband ontbreekt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de machtiging tot voorlopig verblijf nareis wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een feitelijke gezinsband en onvoldoende afhankelijkheid.