Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 7 september 2020 in de zaken tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
1 januari 2018 tot 26 maart 2019 stortingen op eisers bankrekening bij de ING en de ABN AMRO zijn gedaan door derden, dan wel door eiser zelf. Deze stortingen worden aangemerkt als inkomsten waarover eiser vrijelijk heeft kunnen beschikken voor levensonderhoud en inkomsten worden op grond van de PW als middelen beschouwd waarmee rekening wordt gehouden bij het vaststellen van het recht op uitkering. Eiser heeft deze stortingen niet gemeld met als gevolg dat hij de inlichtingenplicht heeft geschonden.