ECLI:NL:RBUTR:2009:BH0252
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt over zorgplicht en schadevergoeding bij aandelenlease Levob Hefboom Effect
Eisers sloten in 2001 twee aandelenleaseovereenkomsten met Levob, waarbij zij een lening aangingen om aandelen te kopen. Na verkoop van de aandelen ontstond een restschuld die eisers voldeden. Eisers stelden dat zij onvoldoende waren geïnformeerd over risico's en vorderden vernietiging van de overeenkomsten en schadevergoeding.
De rechtbank verwierp het beroep op dwaling en misbruik van omstandigheden, en oordeelde dat de Wet Consumentenkrediet niet van toepassing was. Wel stelde de rechtbank vast dat Levob haar bijzondere zorgplicht had geschonden door niet uitdrukkelijk en ondubbelzinnig te waarschuwen voor het risico van een restschuld en door onvoldoende informatie in te winnen over de financiële positie en beleggingskennis van eisers.
Levob kon zich niet verschuilen achter de tussenpersoon Gelink en werd aansprakelijk gehouden voor haar tekortkoming. De rechtbank stelde het causaal verband vast en bepaalde dat 60% van de schade voor rekening van Levob komt en 40% voor eisers. Levob werd veroordeeld tot vergoeding van EUR 5.235,60 plus wettelijke rente en tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: Levob wordt veroordeeld tot vergoeding van 60% van de schade van eisers wegens schending van de zorgplicht.