ECLI:NL:RVS:2019:3535
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A. Hagen
- H.G. Sevenster
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Herziening voorschot kinderopvangtoeslag afgewezen wegens niet volledig aantonen betaling kosten
Appellante verzocht de Belastingdienst/Toeslagen om herziening van haar voorschotten kinderopvangtoeslag over 2014 en 2015. De dienst wees dit verzoek af omdat zij niet had aangetoond de volledige kosten te hebben betaald. De rechtbank bevestigde deze afwijzing, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vernietigt deze uitspraak en het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen.
De Afdeling oordeelt dat de Belastingdienst/Toeslagen wettelijk ruimte heeft om ook bij gedeeltelijke betaling van de kosten een voorschot kinderopvangtoeslag vast te stellen. Dit betekent dat het niet aantonen van volledige betaling niet automatisch tot volledige afwijzing van het recht op toeslag hoeft te leiden. De dienst heeft onvoldoende gemotiveerd waarom geen herziening heeft plaatsgevonden, terwijl appellante een aanzienlijk deel van de kosten heeft voldaan.
De Afdeling wijst op eerdere jurisprudentie en recente maatschappelijke rapporten die de ernstige financiële gevolgen van de huidige lijn onderstrepen. Zij stelt dat de belangen van de burger en het voorkomen van misbruik beter in evenwicht moeten worden gebracht. De zaak wordt terugverwezen naar de Belastingdienst/Toeslagen voor een nieuw besluit op bezwaar, waarbij de nieuwe uitleg van de wetgeving moet worden toegepast.
Tegen het nieuwe besluit kan direct beroep worden ingesteld bij de Afdeling zonder tussenkomst van de rechtbank. De Belastingdienst/Toeslagen krijgt een termijn van 26 weken om het nieuwe besluit te nemen. Tevens wordt appellante het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het besluit van de Belastingdienst/Toeslagen om het verzoek om herziening van voorschotten kinderopvangtoeslag af te wijzen wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor een nieuw besluit.