ECLI:NL:RVS:2020:2521
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- B.P. Vermeulen
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boetes voor onrechtmatige verhuur van woningen in Amsterdam en matiging boetes bij meerdere eigenaren
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan drie eigenaren van woningen in Amsterdam ieder een bestuurlijke boete van € 24.000,- op wegens het zonder vergunning onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning door verhuur aan toeristen.
De rechtbank verklaarde de bezwaren van twee eigenaren gegrond en vernietigde de boetes voor hen, maar handhaafde de boete voor één eigenaar. Het college en deze eigenaar gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat alle drie eigenaren als overtreder moeten worden aangemerkt omdat zij niet aan hun zorgplicht voldeden, ondanks dat één eigenaar het beheer had. De Afdeling matigde de boetes naar € 8.000,- per eigenaar vanwege het ontbreken van een rechtvaardiging voor het opleggen van drie maal de maximale boete, en vernietigde de eerdere uitspraak van de rechtbank voor zover deze boetes niet aan alle eigenaren oplegde.
De Afdeling wees verder het incidenteel hoger beroep van twee eigenaren af en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten aan één eigenaar.
Uitkomst: Alle drie eigenaren worden als overtreder aangemerkt en krijgen ieder een boete van € 8.000,- opgelegd.