Uitspraak
Datum uitspraak: 20 januari 2021
Raad van State
Bij besluit van 24 februari 2017 stelde de minister van Infrastructuur en Milieu het tracébesluit 'A15/A12 Ressen-Oudbroeken (ViA15)' vast, gericht op het doortrekken van de A15 en verbreding van de A12. Hiertegen werden 48 bezwaarschriften ingediend door inwoners, bedrijven en milieuorganisaties uit nabijgelegen dorpen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State hield de behandeling aan vanwege prejudiciële vragen over het Programma Aanpak Stikstof (PAS).
De minister stelde in 2019 een wijzigingsbesluit vast, waarin nieuw onderzoek naar stikstofdepositie en mitigerende maatregelen zijn opgenomen, zonder het PAS te gebruiken. De Afdeling oordeelde dat het wijzigingsbesluit een wijziging van ondergeschikte aard betreft, waardoor geen nieuwe procedure nodig was. Diverse beroepsgronden betroffen de ontvankelijkheid, nut en noodzaak van het tracé, de verkeersmodellen, alternatieven zoals het Regiocombi-alternatief, en de keuze voor een brug over het Pannerdensch Kanaal in plaats van een tunnel.
De Afdeling concludeerde dat de minister voldoende heeft gemotiveerd dat het tracé noodzakelijk is, dat de inspraak en procedurele vereisten zijn nageleefd, en dat de milieueffectrapportage voldoet aan de wettelijke eisen. De kosten en gevolgen van een tunnel zijn hoger dan van een brug, en toezeggingen over een tunnel konden niet worden afgeleid uit eerdere Kamerdebatten. Ook werden de gevolgen voor Natura 2000-gebieden en soortenbescherming beoordeeld aan de hand van passende beoordelingen en aanvullende rapporten, waarbij artikel 8:69a Awb leidend was voor de ontvankelijkheid van individuele beroepsgronden.
Uitkomst: De Raad van State verklaart de beroepen grotendeels niet-ontvankelijk of ongegrond en bevestigt het tracébesluit en wijzigingsbesluit voor de A15/A12 doortrekking.