ECLI:NL:RVS:2023:3938
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens drugshandel en belangenafweging
De burgemeester van Leeuwarden heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet een woning voor drie maanden gesloten vanwege drugshandelactiviteiten die vanuit die woning plaatsvonden. Dit besluit werd ondersteund door politieonderzoeken, waaronder afgeluisterde telefoongesprekken, getuigenverklaringen en de vondst van drugs en drugshandelgerelateerde goederen.
De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep van de huurder ongegrond en oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat de maatregel noodzakelijk en evenredig was ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde. De huurder stelde in hoger beroep dat de burgemeester ten onrechte de bevoegdheid had uitgeoefend en dat de sluiting onevenredig was.
De Raad van State overwoog dat de aangetroffen hoeveelheid drugs en de ondersteunende bewijzen voldoende waren om te concluderen dat de woning werd gebruikt voor drugshandel, waardoor de burgemeester bevoegd was tot sluiting. De noodzaak van de sluiting werd bevestigd, ook al zat de huurder in voorlopige hechtenis, omdat de sluiting herhaling moest voorkomen. De belangenafweging waarbij het belang van de openbare orde zwaarder woog dan het persoonlijke belang van de huurder werd als rechtmatig beoordeeld.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De burgemeester hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor drie maanden wegens drugshandel en verklaart het hoger beroep ongegrond.