ECLI:NL:RVS:2023:4628
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- H. Benek
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening kinderopvangtoeslag wegens niet voldoen partner aan voorwaarden
De zaak betreft het hoger beroep tegen de herziening van de kinderopvangtoeslag over 2019 en 2020, waarbij de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot op nihil heeft gesteld en de te veel betaalde bedragen heeft teruggevorderd. [Appellant sub 2] had de toeslag aangevraagd als alleenstaande ouder, maar de Belastingdienst stelde vast dat zij sinds 2015 getrouwd was en haar partner in Italië woonde, waardoor deze als toeslagpartner werd aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de toeslag terecht was stopgezet omdat de partner niet voldeed aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 1.6, derde lid, van de Wet kinderopvang (Wko), die voorschrijven dat een toeslagpartner in Nederland, een andere lidstaat of Zwitserland moet wonen en daar moet werken, studeren, een uitkering met een re-integratietraject ontvangen of een inburgeringscursus volgen. De rechtbank verwierp ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel en het EVRM-artikel 8.
In het incidenteel hoger beroep stelde [appellant sub 2] dat de rechtbank ten onrechte het evenredigheidsbeginsel niet contra-legem had toegepast en dat het niet ontvangen van toeslag een onaanvaardbare inbreuk op haar familieleven vormde. De Afdeling overwoog dat artikel 1.6, derde lid, Wko dwingend is en niet getoetst kan worden aan het evenredigheidsbeginsel, mede gelet op recente jurisprudentie. Bovendien was de gemeente financieel volledig tegemoetgekomen in de kosten van kinderopvang, waardoor geen sprake was van een situatie die toepassing van de wettelijke bepaling zou moeten verhinderen.
De Afdeling oordeelde voorts dat artikel 8 EVRM Pro geen positieve verplichting tot verstrekking van kinderopvangtoeslag inhoudt en dat [appellant sub 2] onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat haar familieleven door het niet ontvangen van toeslag was beperkt. Het incidenteel hoger beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de herziening en terugvordering van kinderopvangtoeslag en wijst het verzoek om schadevergoeding af.